Opnieuw zijn er exportsubsidies ingevoerd op melk. Dit heeft
Europees landbouwcommissaris Mariann Fischer Boel vorig jaar besloten. De
Nederlandse Melkveehouders Vakbond (NMV) vreest dat melksubsidies een
bedreiging vormen voor melkboeren in ontwikkelingslanden.
De exportsubsidie op zuivelproducten is vorig jaar
heringevoerd omdat veel Europese melkveehouders in de problemen zijn gekomen
door een sterke daling in de melkprijs. Het besluit van de Europese commissie
is opmerkelijk te noemen, omdat de exportsubsidies in juni 2007 juist voor het
eerst in veertig jaar waren stopgezet nadat de melkplas en boterberg door een
aantrekkende vraag vanuit China waren verdampt.
De melksector verwachtte dat de toenemende vraag vanuit Azië
blijvend zou zijn en besloot de melkproductie te verhogen. Dit werd gedaan door
de melkquota, de maximum hoeveelheid melk die boeren mogen produceren,
geleidelijk te verruimen. In 2009 bleek de vraag vanuit China, door de
stijgende melkprijzen, de economische recessie en het melamine-melkschandaal,
echter tegen te vallen. Hierdoor is nu opnieuw een zuiveloverschot ontstaan. Om
dit overschot weg te werken heeft de Europese commissie toen besloten dat
producenten van melkpoeder en boter sinds 15 maart weer exportsubsidie kunnen
aanvragen.
Het besluit van de Europese commissie kreeg veel kritiek.
"Door de Europese exportsubsidies wordt veel goedkope melkpoeder uit
Europa gedumpt in ontwikkelingslanden. Lokale boeren in Afrika, die niet kunnen
concurreren met de lage prijzen van de Europese melkpoeder, zijn hiervan de
dupe", stelt Hans Geurts van de Nederlandse Melkveehouders Vakbond (NMV).
Halbe Klijnstra, een van de Friese boeren die hebben
geholpen met het opzetten van een melkfabriek en veefokbedrijf in Tanzania,
verwacht echter dat de effecten van de Europese exportsubsidies in dit land meevallen.
Terwijl in de jaren negentig goedkope melkpoeder uit Europa de lokale markt in
ontwikkelingslanden overspoelde, denkt Klijnstra dat geïmporteerde melkpoeder
in Tanzania nu geen serieuze bedreiging meer zal vormen. Dit wijt Klijnstra
vooral aan de gestegen koopkracht en de populariteit van het lokale merk Tanga
Fresh. "Tanga Fresh heeft zo'n ijzersterke naam dat mensen hier gewoon
meer geld voor over hebben. Bovendien past de Tanzaniaanse overheid nu
invoerheffing toe op melkpoeder uit Europa, waardoor de prijs van Europees
melkpoeder vaak hoger ligt dan die van de verse melk uit Tanzania zelf."